Vervolgonderwijs

You are here

Vervolgonderwijs

In het schooljaar 2015/16 waren er in heel Nederland bijna 1,2 miljoen studenten ingeschreven op mbo (40%), hbo (37%) en universiteit (22%). Cijfers over deelname van studenten binnen de afzonderlijke gemeenten, zijn niet voorhanden. Kijken we naar een provinciale verdeling van alle studenten dan zien we dat 9% van alle mbo-scholieren in Nederland uit de provincie Utrecht komt. 9,3% van alle hbo-studenten komt uit de provincie Utrecht, en 11,7% van alle Nederlandse wo-studenten bezoekt een Utrechtse universiteit. Aandachtspunten op het gebied van vervolgonderwijs zijn onder andere de aansluiting op de arbeidsmarkt en het verkrijgen van voldoende digitale vaardigheden.

 

Aansluiting vmbo-mbo in de provincie kan nog worden versterkt

Binnen de provincie Utrecht is onderzoek uitgevoerd naar de aansluiting van het vmbo op het mbo.(i) Eén van de constateringen is dat relatief veel leerlingen in de provincie Utrecht op dit moment geschoold worden in de opleidingssector economie, terwijl de toekomstige arbeidsmarktperspectieven voor deze sector matig zijn. Een hogere instroom in de mbo sector techniek zou volgens de opstellers van het rapport meer voor de hand liggen. Uitkomsten in het rapport wijzen daarnaast naar diverse kernopgaven: het beter toerusten doorstroommogelijkheden binnen mbo en van mbo naar hbo, responsief reageren op trends in de arbeidsmarkt, aanbieden van relevante competentie-trajecten aan leerlingen en zorgen voor verbeterde voorlichting bij studiekeuze.

Hoger en lager opgeleiden maken verschillend gebruik van internet

Uit onderzoek blijkt dat niet alle bevolkingsgroepen in onze samenleving even goed meekomen met veranderingen op het gebied van informatie- en communicatietechnologie.(ii) Die verschillen worden aangeduid met de ‘digitale kloof’. Aanvankelijk ging het om het wel of niet hebben van apparatuur zoals een pc of laptop, maar later kwam de nadruk meer op verschillen in de digitale vaardigheden en in soorten gebruik, zoals nieuwsgaring of amusement. Hoger opgeleiden hebben volgens de onderzoekers een productiever internetgebruik dan lager opgeleiden en benutten internet vaker voor informatie, educatie en carrière. Ze profiteren daarmee optimaal van de mogelijkheden om hun doelen te bereiken. Laagopgeleiden laten daarentegen vooral consumptief gebruik van het internet zien. Zij zitten vooral op internet om te gamen, chatten of YouTube filmpjes te bekijken. Zij ervaren relatief veel problemen met het navigeren en zich oriënteren op internet.


Verdeling MBO, HBO en WO populaties naar provincie, 2015

 

% Deelnemers
MBO

% Deelnemers
HBO

% Deelnemers
WO

Groningen

5,6%

6,0%

10,8%

Friesland

5,2%

5,2%

0,0%

Drenthe

1,7%

0,0%

0,0%

Overijssel

9,7%

10,8%

3,4%

Flevoland

1,1%

0,0%

0,0%

Gelderland

11,0%

10,6%

10,9%

Utrecht

9,0%

9,3%

11,7%

Noord Holland

13,9%

11,5%

21,0%

Zuid Holland

19,8%

23,2%

27,7%

Zeeland

2,0%

1,1%

0,0%

Noord Brabant

15,8%

19,1%

8,5%

Limburg

5,3%

3,1%

6,0%

(totaal)

100%

100%

100%

Bron: DUO.nl

(i) Bron: E’til, 2017. Aansluiting onderwijs-arbeidsmarkt in het vmbo en mbo, provincie Utrecht.
(ii) Bron: SCP, 2016. De toekomst tegemoet. Leren, werken, zorgen, samenleven en consumeren in het Nederland van later.

You are here