Duurzame energie

You are here

Duurzame energie

Het energiegebruik dat van oudsher overwegend gebaseerd was op fossiele brandstoffen, heeft veel welvaart gebracht. De nadelen van dit gebruik worden echter steeds pregnanter. Klimaatverandering, luchtverontreiniging en de afhankelijkheid van soms politiek instabiele regio’s hebben een grote impact op gezondheid en veiligheid. Het streven naar energiebesparing en de productie van duurzame energie (energietransitie) is sterk in opkomst. In steeds meer huishoudens wordt eigen energie opgewekt of worden energiebesparende maatregelen toegepast. In toenemende mate maken bewoners gebruik van zonnepanelen, zoeken ze alternatieven voor aardgas en kiezen ze voor verwarming door middel van warmtepompen.

 

Het percentage hernieuwbare energie in Utrecht relatief laag

Hernieuwbare energie wordt onder meer geproduceerd door middel van afvalverbrandingsinstallaties, biogas, waterkracht, windenergie en zonnestroom. In de provincie Utrecht ligt het percentage hernieuwbare energie in 2014 op 2,6%. Het landelijk gemiddelde is 4,9%. Er zijn grote verschillen tussen de provincies: Flevoland produceert relatief de meeste hernieuwbare energie (18,6%) gevolgd door Groningen (8,6%). In Limburg (3,1%) en Zuid Holland (3.1%) zijn de percentages relatief laag.(i)

Een op drie Utrechtse woningen heeft definitief energielabel

Begin 2015 hebben alle woningeigenaren een voorlopig energielabel gekregen van de overheid. Een steeds groter deel van deze voorlopige energielabels is definitief geworden. Het hebben van een beter energielabel loont voor veel huishoudens. Naarmate huizen beter geïsoleerd zijn en energiezuiniger worden, levert dit lagere energierekeningen en een vermindering van bijvoorbeeld CO2-uitstoot op. Op dit moment heeft ruim een op de drie huizen een geregistreerd energielabel in de provincie Utrecht. Net iets meer dan een kwart van alle huizen met een geregistreerd energielabel heeft in 2015 een energielabel tussen B en A++(28,3%). De grootste groep huizen heeft een energielabel C of D, in totaal ongeveer 52%.

Windturbines in Nieuwegein, Houten, Lopik en De Ronde Venen

Eind 2015 waren in Nederland waren 2703 windturbines opgesteld (op land en offshore). Het grootste aandeel staat in Flevoland (24%), Noord Holland (24%), Friesland (12%) en offshore (11%). In de provincie Utrecht stonden in 2015 12 turbines; 0,44% van het totaal aantal in Nederland. Hiermee is er 25 MW aan opgesteld vermogen in de provincie gerealiseerd.  De turbines staan in Nieuwegein (5 met 10 MW), Houten (3 met 6 MW), Lopik (3 met 6 MW), en De Ronde Venen (2 met 3 MW).

Totale hoeveelheid zonnestroom in provincie Utrecht relatief laag

In 2010 was de gemiddeld opgewekte zonnestroom per inwoner in de provincie Utrecht 11 MJ. In 2015 is dit volume gestegen tot 162 MJ. Ondanks deze groei blijft de provincie Utrecht achter op provincies als Flevoland, Overijssel en Gelderland, waar het gemiddelde ruim boven de 400 MJ zonnestroom per inwoner ligt. Kijken we naar verschillen binnen de provincie dan zien we dat in 2015 relatief veel zonnestroom wordt opgewekt in Eemnes (376 MJ/inw) en in Nieuwegein, Zeist en Utrecht (circa 100 MJ/inw).

4,1% Utrechtse woningen heeft zonnepanelen

In 2015 heeft gemiddeld bijna 4,4% van de woningen in Nederland geregistreerde zonnepanelen. In de provincie Utrecht ligt dit cijfer iets lager, op 4,1%. De provincie Groningen is koploper met 6,6% woningen met zonnepanelen. Sinds 2010 is het gemiddelde aantal gestegen. In Nederland waren in 2010 gemiddeld 0,7 adressen per 100 woningen met zonnepanelen, in de provincie Utrecht waren dit er 0,5. In 2015 zijn er in de provincie negen gemeenten met een ondergemiddeld aandeel woningen met zonnepanelen, met het laagste aantal in de gemeenten Zeist en Nieuwegein (2.5%). Gemeenten met een beduidend bovengemiddeld aandeel zijn Eemnes (8,3%), Houten (8%), Woudenberg (8,1%) en Bunnik (7%).

% Gelabelde woningen energielabel 2016

 

A++/ A+/A

B

C

D

E

F & G

Amersfoort

9,7%

25,8%

25,7%

15,1%

13,7%

9,9%

Baarn

10%

14,2%

25,9%

25,6%

14,6%

9,7%

De Bilt

4,4%

14,5%

22,7%

28%

15,7%

14,7%

Bunnik

13,8%

11,7%

43,4%

15%

8,1%

8%

Bunschoten

18,2%

27,8%

35,3%

10,3%

4,9%

3,4%

Eemnes

13,1%

11%

37,2%

26,4%

9,4%

2,9%

Houten

16,4%

24,8%

49,8%

6,9%

1%

1,1%

IJsselstein

13,4%

36,1%

20,4%

21,3%

5,3%

3,6%

Leusden

12,3%

22,5%

43,3%

16,2%

3,9%

1,7%

Lopik

11%

18,3%

36,2%

18%

10%

6,5%

Montfoort

16,2%

21%

30,8%

17,1%

7,9%

6,9%

Nieuwegein

5,6%

10,9%

40,8%

35,1%

5,6%

1,9%

Oudewater

12,7%

9,6%

25%

30%

11,7%

11%

Renswoude

7,9%

16,4%

15,8%

25,5%

17,3%

17,2%

Rhenen

9,4%

8,7%

26%

26,8%

17%

12%

De Ronde Venen

5,5%

14,4%

40,3%

24,2%

8,8%

6,7%

Soest

3,4%

12,3%

23,8%

27,7%

19%

13,8%

Stichtse Vecht

4,8%

12,4%

39,6%

29,9%

8,6%

4,7%

Utrecht (gemeente)

12,3%

18,1%

22,3%

22,3%

10,8%

14,1%

Utrechtse Heuvelrug

7,6%

12,8%

33,5%

18,4%

13,9%

13,9%

Veenendaal

12%

17,3%

30,1%

22,4%

12,7%

5,5%

Vianen

5,5%

8,5%

36,6%

32%

10,3%

7%

Wijk bij Duurstede

9,8%

20,5%

41,2%

12,9%

9%

6,4%

Woerden

12,5%

23,6%

31,5%

15,3%

10,1%

7%

Woudenberg

20,8%

25%

29,9%

15,8%

5,6%

2,8%

Zeist

7,3%

14,4%

22,8%

24,2%

16,7%

14,7%

Bron: Klimaatmonitor

(i) Bron: Klimaatmonitor

You are here